:: wikimiki.org ::
| Giorgio La Pira |
Giorgio La PiraGiorgio La Pira (Pozzallo, 9 januari 1904- Florence, 5 november 1977), Italiaans christen-democratisch politicus, afkomstig van Pozzallo bij Ragusa, het huidige Dubrovnik.
La Pira studeerde rechten in Florence en behoorde al jong tot de Derde Orde van de Dominicanen, de seculiere tak van de orde der Dominicanen. Al in de jaren twintig was hij een opponent van het Italiaanse fascisme en voorvechter van de democratie. In 1937 werd hij hoogleraar Romeins recht in Florence.
Na de Tweede Wereldoorlog zat hij in de Constituerende Vergadering en werd hij co-auteur van de Italiaanse grondwet. Hij sloot zich aan bij de Democrazia Cristiana (DC), de christendemocratische partij. In 1948 werd hij staatssecretaris in het ministerie van arbeid.
Van 1950 tot 1956 en van 1960 tot 1964 was hij burgemeester van Florence. Hij was een voorstander van een samenwerking tussen de "geloven die voortkwamen uit Abraham" (dwz. jodendom, christendom en islam. Hij behoorde tot de centrum-linkse groep binnen de Democrazia Cristiana die zich rond het blad Cronache Sociali die zich uitspraken voor een centrum-linkse coalitie (centrosinistra) met de progressieve (kleinere sociaal-democratische) partijen. La Pira ijverde voor verzoening tussen Oost en West tijdens de Koude Oorlog. Zo pleitte hij in 1951 bij Stalin voor vrede in Korea.
Ook als ambteloos burger bleef hij zich voor de vrede inzette. Hij was onder andere betrokken bij de besprekingen over ontwapening die leiden tot het Verdrag van Helsinki. La Pira leidde een zeer eenvoudig leven, geïnspireerd door een diep geloof. Het proces voor zijn zaligverklaring is in 1986 begonnen
Zie ook: Democrazia Cristiana
Externe links
- [http://www.la-pira.de Website van Duitse Dominicaanse lekengroep]
- [http://www.lapira.org Italiaanse site over La Pira]
Pira
1904
----
Gebeurtenissen
- Vooral door het keiharde optreden van Van Heutsz eindigt na meer dan dertig jaar guerrilla de Atjehoorlog in een overwinning van het Nederlandse gouvernement.
- Heike Kamerlingh Onnes richt in Leiden een cryogeen lab op, het eerste in de wereld.
- In het Sudetische Tratenau wordt de eerste nazi-partij opgericht.
- John Ambrose Fleming vindt de eerste radiobuis uit, een diode die het mogelijk maakt elektrische stroom gelijk te richten.
- De Bergse Maas wordt in gebruik genomen.
- 10-urige werkdag ingevoerd in Frankrijk.
;februari
- 8 - Een Japanse verrassingsaanval op Port Arthur betekent het begin van de Russisch-Japanse Oorlog.
- 20 - Manuel Amador Guerrero treedt aan als eerste president van het onafhankelijke Panama. De volgende dag ondertekent hij een verdrag, dat de Amerikanen tegen een betaling van $ 10 miljoen de zeggenschap geeft over het Panamakanaal.
;maart
- 1 - De Telegraaf- en Telefoonwet 1904 treedt in werking. Deze wet vervangt de Telegraafwet van 1852.
;mei
- 21 - Oprichting in Parijs van de wereldvoetbalbond FIFA: Fédération Internationale de Football Association.
;juni
- 16 - De Russische Gouverneur-generaal van Finland, Nikolai Bobrikov, wordt door een Finse nationalist in het senaatsgebouw doodgeschoten.
;juli
- 2 - De eerste Ronde van Frankrijk gaat van start.
;september
- 30 - De Bisschopsmolen in Oldenzaal wordt door het huwelijk met Bernard Reerink eigendom van de familie Reerink.
;december
- 11 - De redemptoristenbroeder Gerardus Majella wordt heilig verklaard door paus Pius X.
Geboren
;januari
- 2 - Truus Klapwijk, Nederlands zwemster en schoonspringster († 1991)
- 21 - Gerard van Heel, Nederlands voetballer († 1984)
- 24 - Paul van de Rovaart, Nederlands hockeyinternational († 1995)
;februari
- 15 - Antonin Magne, Frans wielrenner
- 19 - Havank, Nederlands romanschrijver
- 21 - Armand Preud'homme, Vlaams componist
;maart
- 7 - Ivar Ballangrud, Noors schaatser en olympisch kampioen († 1969)
- 7 - Reinhard Heydrich, Duits nazi-leider (†1942)
- 25 - Louis Goffin, Belgisch diplomaat
;april
- 12 - Robert Oppenheimer, Amerikaans leider van het Manhattanproject
- 14 - John Gielgud, Brits acteur
- 24 - Willem de Kooning, Nederlands-Amerikaans kunstschilder
- 29 - Heinz Levy, Duits-Nederlands bokser († 1944)
;mei
- 5 - August Kop, Nederlands hockeyer († 1945)
- 11 - Salvador Dali, Spaans schilder
- 11 - Guus Weitzel, Nederlands radio-omroeper en -verslaggever
- 23 - Anne de Vries, Nederlands onderwijzer en schrijver
;juni
- 2 - Johnny Weissmuller, Amerikaans zwemmer en filmacteur
;juli
- 14 - Isaac Bashevis Singer, Amerikaans schrijver
;augustus
- 4 - Witold Gombrowicz, Pools schrijver († 1969)
- 12 - Alexei Nicolaievitch Romanov, Russisch tsaar
- 20 - Jaap Burger, Nederlands politicus († 1986)
- 22 - Deng Xiaoping, communistisch leider van China
;september
- 27 - Edvard Kocbek, Sloveens schrijver, publicist en politicus († 1981)
- 27 - Koene Dirk Parmentier, Nederlands piloot bij de KLM
;oktober
- 8 - Jan Cornelisse, Nederlands bokser († 1992)
- 21 - Patrick Kavanagh, Iers schrijver en dichter
;november
- 24 - Rein de Waal, Nederlands hockeyinternational en -coach († 1985)
;december
- 1 - Gerrit Jannink, Nederlands hockeyinternational († 1975)
- 10 - Gé Dekker, Nederlands zwemmer († 1995)
----
Overleden
;januari
- 1 - Heinrich Hertz (36), Duits natuurkundige
;mei
- 1 - Antonín Dvořák (62), Tsjechisch componist
;juli
- 3 - Theodor Herzl (44), Hongaars stichter van het zionisme
- 14 - Paul Kruger (78), leider van de Zuid-Afrikaanse Boeren en president van Transvaal
Categorie:1900-1909
ja:1904年
ko:1904년
ms:1904
simple:1904
th:พ.ศ. 2447
1977
----
Gebeurtenissen
- 1 - In België werden door een administratieve hervorming vele gemeentes bij elkaar gevoegd tot fusiegemeentes omdat de kleinere gemeentes te weinig inwoners hadden om een eigen gemeentebestuur te behouden. In vele kleine gemeentes rees hiertegen protest, en is de fusie van '77 nog steeds niet helemaal verwerkt.
- 17 - Gary Mark Gilmore komt de twijfelachtige eer toe sinds 1967 de eerste Amerikaanse ter dood veroordeelde te zijn, bij wie het vonnis ook daadwerkelijk wordt voltrokken.
- 18 - In Sydney komen bij een verkeersramp 90 mensen om het leven. Een forensentrein die ontspoort ramt een viaduct, dat daarna instort.
- 20 - In de Verenigde Staten wordt Jimmy Carter beëdigd als 39ste president.
- 2 - De Drentse amateurarcheoloog Tjerk Vermaning moet voor de rechtbank in Assen verschijnen omdat de authenticiteit van Vermanings vondsten in twijfel wordt getrokken.
- 18 De Arnhemse hulpverlener Harm Dost keert terug uit Duitsland, na een gevangenschap van bijna anderhalf jaar. Dost was in Kleef veroordeeld omdat hij aan een Duitse verslaafde softdrugs had verkocht, als onderdeel van diens therapie.
- 4 - Bij een aardbeving in Roemenië komen 1.570 mensen om het leven.
- 5 - De zestienjarige violist Jaap van Zweden wint het Nationaal Vioolconcours in Amsterdam. De prijs wordt uitgereikt door minister Van Doorn.
- 21 - Nederland eindigt als achtste en laatste bij het wereldkampioenschap ijshockey voor B-landen in Tokio en degradeert naar de C-poule.
- 22 - Premier Joop den Uyl biedt het ontslag aan van zijn kabinet, dat op de valreep is gestruikeld over de grondpolitiek.
- 27 - Een Boeing 747 van de KLM botst door zware mist op een andere Jumbojet (van PanAm) op het vliegveld van Tenerife (Canarische Eilanden). 583 mensen komen om in de grootste vliegtuigramp ooit. Zie Vliegtuigramp Tenerife.
- 3 - Nederland, België, Luxemburg en Frankrijk gaan voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog over op de zomertijd.
- 9 - Jan Raas wint voor de eerste keer Nederlands enige wielerklassieker, de Amstel Gold Race.
- 10 - De Belgische biljarter Raymond Ceulemans wordt wereldkampioen driebanden.
- 15 - Roman Polanski, Amerikaans filmregisseur verschijnt voor de rechter in Los Angeles op verdenking van verkrachting van een dertienjarig meisje
- 25 - In Den Haag protesteren leden van de Nederlandse Vrouwenbeweging tegen de stijgende koffieprijzen. Daartoe leveren ze 20.000 handtekeningen aan bij minister Lubbers
- 29 - Voor de laatste keer wordt de wereldberoemde rommelmarkt op het Waterlooplein in Amsterdam gesloten. De Waterloopleinmarkt wordt verplaatst naar een andere locatie, op het Waterlooplein zal het nieuwe stadhuis worden gebouwd.
- Prinses Beatrix en Prins Claus bezoeken China en Japan.
- 2 - Nederland zit zonder televisie. Op beide Nederlandse netten wordt slechts een mededeling getoond, dat als gevolg van een arbeidsconflict de geluidstechnici het werk hebben neergelegd.
- 3 - Pieter Menten staat terecht voor de executie van 200 Poolse burgers in 1941.
- 8 - Ajax wordt landskampioen in de Nederlandse eredivisie, Club Brugge behaalt de titel in België.
- 8 - Tsjechoslowakije wint het wereldkampioenschap ijshockey voor A-landen in Wenen.
- 9 - Bij een verwoestende brand in Hotel Polen in Amsterdam komen 33 mensen om het leven.
- 20 - Om 23:53 uur vertrekt van het Parijse station Gare de Lyon voor de laatste keer de Oriënt Expres
- 22 - Bij een nachtelijke brand in hotel Hertog van Brabant in Brussel komen zeventien mensen om het leven.
- 23 - Zuid-Molukkers gijzelen een basisschool in het Drentse Bovensmilde en een trein bij De Punt. De kinderen in de basisschool worden op 28 mei vrijgelaten. Zie treinkaping bij De Punt en Gijzeling lagere school in Bovensmilde.
- 24 - Ondertekening van het beruchte Egmontpact.
- 25 - Tweede-Kamerverkiezingen
- 28 - In de Amerikaanse staat Kentucky komen 160 mensen om in de brand in de Beverly Hills Supper Club.
- 1 - Oprichting van profvoetbalclub SC Heerenveen als afsplitsing van Heerenveen.
- 3 - De Britse koningin Elizabeth II viert haar 25-jarig regeringsjubileum.
- 3 - De hitsingle God Save The Queen van de Sex Pistols bereikt de hoogste positie in de Engelse hitparade. Hoogtepunt van de Britse punk-rage.
- 11 - De op 23 mei begonnen gijzeling van een basisschool en een trein wordt beëindigd. Bij de bevrijding van de trein vallen acht doden.
- 13 - James Earl Ray, de moordenaar van dominee Martin Luther King wordt weer teruggebracht naar de Tennessee State Penitentiary, van waaruit hij enkele dagen eerder was ontsnapt.
- 15 - Wim Polak volgt Ivo Samkalden op als burgemeester van Amsterdam.
- 15 juni - Na veertig jaar dictatoriaal bewind van het Franco-regime hebben voor het eerste weer vrije verkiezingen in Spanje plaats.
- 27 - Karel Van Miert wordt verkozen tot co-voorzitter van de BSP (Belgische Socialistische Partij), naast de Waal André Cools.
- 27 - Djibouti verkrijgt als laatste kolonie in Afrika de onafhankelijkheid (van Frankrijk).
- Geweldloze militaire machtsovername in Pakistan, waarbij premier Ali Bhutto wordt afgezet op de beschuldiging dat hij geknoeid zou hebben met de verkiezingsresultaten. Opschorting van de Pakistaanse grondwet.
- 28 - Wil Hartog wint de 500 cc-klasse van de TT Assen
- 1 - De Zweedse tennisser Björn Borg prolongeert zijn Wimbledon-titel. De Britse Virginia Wade verslaat in de vrouwenfinale de Nederlandse Betty Stöve.
- 7 - Het uit afval gebouwde vlot De Tand des Tijds van de Nederlandse kunstenaar Robert Jasper Grootveld wordt de toegang tot de Amsterdamse Grachten ontzegd.
- 18 - De Walcherense kust verandert in de Costa del Hasj als er een flinke partij Gele Libanon aanspoelt.
- 24 - De Franse wielrenner Bernard Thévenet wint de Ronde van Frankrijk.
- 26 - De 13-jarige Engelse David Morgan is de jongste Kanaalzwemmer. Hij zwemt van Dover naar Wissant bij Calais in 11 uur en 5 minuten.
- 11 - De New Yorkse seriemoordenaar David Berkowitz, bekend als Son of Sam, wordt gearresteerd.
- 16 - Elvis Presley overlijdt in Memphis, Tennessee, USA in de badkamer van zijn huis, officieel door een hartstilstand, maar later zou na autopsie gebleken zijn dat zijn lichaam sporen van meerdere soorten pillen bevatte. Vermoedelijk was er sprake van een overdosis van door zijn arts voorgeschreven medicijnen.
- 20 - Een nieuw tijdperk in de astronomie begint met de lancering van de Voyager 2 ruimtesonde. De Amerikaanse astronoom Carl Sagan geeft aan beide ruimtesondes een audio/video plaat mee, met onder andere de groeten van president Jimmy Carter, en muziek van Ludwig van Beethoven en Louis Armstrong. Tevens wordt een bouwpakket van een draaitafel, met gebruiksaanwijzing bijgevoegd.
- 23 - Björn Borg lost Jimmy Connors na 160 weken af als nummer één op de wereldranglijst der tennisprofessionals, maar moet een week later die positie alweer aan de Amerikaan afstaan.
- 5 - Lancering van de Voyager 1 ruimtesonde.
- 5 - De West-Duitse werkgeversvoorzitter Hans-Martin Schleyer wordt ontvoerd door het Commando Siegfried Hauser, een onderdeel van de Rote Armee Fraktion.
- 22 - De RAF-terrorist Knut Volkerts schiet bij zijn aanhouding in Utrecht twee agenten neer.
- 24 - Karel Van Miert kondigt aan, dat de Vlaamse socialisten zich voortaan autonoom gaan organiseren. Dit betekent meteen de communautaire splitsing van de BSP, in de Nederlandstalige SP (Socialistische Partij) en de Franstalige PS (Parti Socialiste). In 2002 is er een nieuwe naamsverandering voor Vlaanderen, de SP.A
- oktober - De dictatuur in Uruguay verbiedt de bibliotheken om kranten en tijdschriften aan het publiek ter inzage te geven uit de jaren 1950 - 1973. De pers zou in die jaren beïnvloed zijn geweest door communisten en Tupamaros.
- Koningin Juliana en Prins Bernhard bezoeken het West-Afrikaanse Senegal.
- 2 - De miljonair Maup Caransa koopt zich voor de som van tien miljoen Nederlandse guldens vrij van zijn ontvoerders.
- 19 - In India komen meer dan 10.000 mensen om het leven als gevolg van een vloedgolf en een cycloon.
- 20 - De Egyptische president Anwar Sadat schrijft geschiedenis met zijn rede voor de Knesseth. Hij was de eerste Arabische leider die daar toegang kreeg sinds de oprichting van de staat Israël.
- 26 - De dames Snip en Snap treden, na veertig jaar, voor het laatst op.
- 30 - De PvdA wordt veroordeeld tot oppositie, nadat na een lange formatieperiode onverwachts het CDA-VVD kabinet Van Agt wordt geformeerd.
- Menachem Begin wordt premier van Israël, waarmee aan een lange regeerperiode van de Arbeiderspartij een einde komt.
- 4 - Jean Bedel Bokassa kroont zichzelf tot keizer van de Centraal-Afrikaanse Republiek .
- 5 - Bophuthatswana is het tweede thuisland dat door Zuid-Afrika onafhankelijk verklaard wordt. Geen enkel ander land zal Bophuthatswana erkennen.
- 14 - Pieter Menten, een Nederlandse oorlogsmisdadiger, wordt veroordeeld tot vijftien jaar gevangenschap.
----
Muziek
Album top 10 (bron: popdossier.nl)
# Hotel California - The Eagles
# Rumours - Fleetwood Mac
# Het Gebeurde In Het Westen - Ennio Morricone
# Arrival - ABBA
# Love At The Greek - Neil Diamond
# Year Of The Cat - Al Stewart
# Songs In The Key Of Life - Stevie Wonder
# Even In The Quietest Moments - Supertramp
# Luxury Liner - Emmylou Harris
# Low - David Bowie
----
Geboren
- 10 - Anni Friesinger, Duits schaatsster
- 15 - Marja Vis, Nederlands schaatsster
- 24 - Minke Booij, Nederlands hockeyinternational
- 24 - Michelle Hunziker, Nederlands tv-presentatrice
- 25 - Hatem Trabelsi, Tunesisch voetballer
- 26 - Nathan Vecht, Nederlands cabaretier
- 28 - Takumo Sato, Japans Formule I-coureur
- 1 - Sonja Silva, Nederlands actrice en tv-presentatrice
- 2 - Marc Bernaus, Andorrees voetballer
- 2 - Ilse van der Poel, Nederlands fotomodel en tv-presentatrice
- 4 - Gavin Degraw, Amerikaans zanger
- 8 - Klaartje de Schepper, Nederlands actrice
- 15 - Julien Smink, Nederlands wielrenner
- 15 - Øystein Grødum, Noors schaatser
- 1 - Rens Blom, Nederlands atleet
- 2 - Chris Martin, zanger van de Britse band Coldplay
- 3 - Ronan Keating, Brits zanger (Boyzone)
- 5 - Jan Jörn van 't Land, Nederlands hockeyinternational
- 5 - Ronnie Pander, Nederlands voetballer
- 7 - Mitja Zastrow, Nederlands/Duits zwemmer
- 8 - John de Jong, Nederlands voetballer
- 16 - Ralf van der Rijst, Nederlands schaatser
- 16 - Thomas Rupprath, Duits zwemmer
- 21 - Ilse Heylen, Belgisch judoka
- 31 - Domenico Fioravanti, Italiaans zwemmer en olympisch kampioen (2000)
- 4 - Wendy Wilhelmis, Nederlands tv-presentatrice
- 13 - Javier Guzman, Spaans-Nederlands stand-up comedian en cabaretier
- 14 - Sarah Michelle Gellar, Amerikaans actrice
- 17 - Chad Hedrick, Amerikaans skeeleraar en schaatser
- 21 - Rick Hofstra, Nederlands darter
- 22 - Anthony Lurling, Nederlands voetballer
- 22 - Mark van Bommel, Nederlands voetballer
- 22 - Robert Hunter, Zuid-Afrikaans wielrenner
- 23 - Bram Schmitz, Nederlands wielrenner
- 26 - Janneke Schopman, Nederlands hockeyinternational
- 28 - Bart Bennema, Nederlands bobsleeër
- 29 - Margriet Matthijsse, Nederlands zeilster
- 3 - Dirk Lippits, Nederlands roeier
- 8 - Johann Vogel, Zwitsers voetballer
- 13 - Ilse de Lange, Nederlands zangeres
- 23 - Annabel Kosten, Nederlands zwemster
- 25 - Giel Beelen, Nederlands radio-deejay
- 29 - Rachael Stirling, Brits actrice
- 14 - Francesco Coco, Italiaans voetballer
- 16 - Addy Engels, Nederlands wielrenner
- 21 - Bernardo Guillermo, oudste zoon van prinses Christina en Jorge Guillermo
- 24 - Cas Jansen, Nederlands acteur
- 24 - Nina Zhivanevskaya, Russisch/Spaans zwemster
- 27 - Raúl, Spaans voetballer
- 27 - Rafael Nuritdinov, Oezbeeks wielrenner
- 29 - Alan Villafuerte, Nederlands trampolinespringer
- 3 - Kurt Elshot, Nederlands voetballer
- 14 - Kroonprinses Victoria van Zweden, kroonprinses van Zweden
- 15 - Goedele Van Ruysevelt, Vlaams tv-omroepster
- 24 - Arnold Bruggink, Nederlands voetballer
- 26 - Kelly Pfaff, Vlaams model en mediafiguur, dochter van Jean-Marie Pfaff
- 2 - Edward Furlong, acteur
- 7 - Lottie Hellingman, Nederlands actrice
- 12 - Iva Majoli, Kroatisch tennisster
- 12 - Vivian Reys, Nederlands tv-presentatrice
- 12 - Jesper Gronkjaer, Deens voetballer
- 17 - Thierry Henry, Frans voetballer
- 19 - Iban Mayo, Spaans wielrenner
- 26 - Therese Alshammar, Zweeds zwemster
- 27 - Deco, Portugees voetballer
- 30 - Félix Sánchez, Atleet van de Dominicaanse Republiek
- 1 - David Albelda, Spaans voetballer
- 13 - Fiona Apple, zangeres
- 17 - Lotte Bruil-Jonathans, Nederlands badmintonster
- 17 - Juan Antonio Flecha, Spaans-Argentijns wielrenner
- 17 - Lieve van Kessel, Nederlands hockeyinternational
- 21 - Marc de Hond, Nederlands radiopresentator en ondernemer
- 16 - John Mayer, Amerikaans zanger en songwriter
- 16 - Anniek Pheifer, Nederlands actrice
- 24 - Iván Kaviedes, Ecuadoriaans voetballer
- 30 - Eefke Mulder, Nederlands hockeyinternational
- 3 - Cees Paauwe, Nederlands voetballer
- 3 - Bart van den Eede, Belgisch voetballer
- 10 - Erik Nevland, Noors voetballer
- 16 - Oksana Baiul, Oekraïens kunstrijdster
- 17 - Ryk Neethling, Zuid-Afrikaans zwemmer
- 17 - Laura Wilkinson, schoonspringster
- 24 - Colin Hanks, Amerikaans acteur
- 25 - Guillermo Cañas, Argentijns tennisser
- 26 - Ivan Basso, Italiaanse wielrenner
- 6 - Chanella Hodge, Nederlands actrice
- 17 - Arnaud Clement, Frans tennisser
- 24 - Glen Salmon, Zuid-Afrikaans voetballer
- 27 - Martijn van Beek, Nederlands nieuwslezer
----
Overleden
- 2 - Erroll Garner, Amerikaans jazzpianist en componist
- 7 - Janus Braspenninckx (73), Nederlands wielrenner
- 22 - Ida Wasserman, Vlaams toneelspeelster
- 9 - Gerrit Roorda (86), Nederlands commmunist
- 11 - Louis Beel (74), Nederlands minister-president
- 10 - Willem Schermerhorn (82), Nederlands minister-president
- 28 - Waldo de los Rios, Spaans dirigent
- 10 - Joan Crawford, Amerikaans actrice
- 16 - Modibo Keita (61), Malinees politicus
- 9 - Hans Andreus, Nederlands dichter en schrijver
- 16 - Wernher von Braun (65), Duits/Amerikaans raketpionier
- 2 - Vladimir Nabokov (78), Russisch/Amerikaans schrijver
- 13 - Hermann Kemper (85?), Duits uitvinder van de magneetzweeftrein
- 1 - Gary Powers (47), Amerikaans piloot
- 3 - Makarios (63), Grieks-Cypriotisch aartsbisschop en president
- 16 - Elvis Presley (42), Amerikaans zanger
- 16 - Pé Hawinkels (34), Nederlands letterkundige
- 19 - Groucho Marx (86), Amerikaans komiek
- 13 - Steve Biko (30), Zuid-Afrikaans anti-apartheidsstrijder
- 16 - Maria Callas (53), Amerikaans sopraan
- 24 - Piet Zwart (92), Nederlands fotograaf, typograaf en industrieel ontwerper
- 14 - Bing Crosby (74), Amerikaans zanger en acteur
- 18 - Gudrun Ensslin (37), Duitst terroriste (Baader Meinhoff bende)
- 18 - Andreas Baader (34), Duits terrorist (Baader Meinhoff bende)
- 18 - Jan-Carl Raspe (34), Duits terrorist (Baader Meinhoff bende)
- 25 - Mathilde Willink-Den Doelder (39), echtgenote schilder Carel Willink
- 5 - René Goscinny (51), Frans schrijver (Asterix)
- 14 - A.C. Bhaktivedanta Swami Praphupada (81), stichter van de Hare Krishna-beweging
- 3 - Jack Beresford (78), Brits roeier en olympisch kampioen
- 25 - Charles Chaplin (88), Brits acteur
als:1977
ja:1977年
ko:1977년
simple:1977
th:พ.ศ. 2520
Italië
|
|-
|
|-
|
|{{{{
Dominicanen
De dominicanen of predikheren (Ordo Praedicatorum, O.P.) vormen een kloosterorde die in 1216 is gesticht door Dominicus Guzman (circa 1170-1221), ten tijde van de kruistocht in de Languedoc tegen de Katharen. Een van de eerste kloosters werd in Toulouse gevestigd.
De dominicanen kregen van paus Gregorius IX in 1232 de inquisitietaak opgedragen. Deze orde behoort met onder andere de Franciscanen tot de bedelorden. De dominicanen volgen de Regel van Augustinus en eigen constituties.
Op het Vierde Lateraans Concilie van 1215 waren prediking en zielzorg genoemd als belangrijke priesterlijke taken die in die tijd van priesters onvoldoende aandacht kregen. Dominicus Guzman richtte zijn orde speciaal ervoor op om in deze nood te voorzien. Eind 1216 verkreeg hij van paus Honorius III goedkeuring voor zijn initiatief. Hij stuurde de eerste leden van zijn orde naar de universiteiten, speciaal naar Parijs en Bologna, om zich te bekwamen in de theologie. De orde van de dominicanen werd en wordt gekenmerkt door intellectuele inspanningen, grondige studie, actieve interesse in de stedelijke samenleving, prediking en missionaire activiteiten. De dominicanen verbinden contemplatie (beschouwing) met actie. In Utrecht kwam in 1232 de eerste Nederlandse vestiging van de dominicanen.
Een aantal bekende en belangrijke heiligen behoorden tot de orde van de dominicanen. Thomas van Aquino (1225-1274) en Albertus Magnus (circa 1200-1280) kregen van pausen de rang van kerkleraar. De heilige Catharina van Siëna (1347-1380), een lekendominicaan, verkreeg in 1970 als eerste vrouwelijke heilige deze eer.
Behalve een mannelijke tak bestaan er ook dominicanessen en lekendominicanen. Dominicus stichtte zelf al in 1207 te Prouille in de Languedoc een eerste klooster voor vrouwelijke contemplatieve religieuzen. Onder zijn opvolger Jordanus van Saksen is er al sprake van leken (tertiarissen) van de orde. In 1285 keurde Munio van Zamora, de toenmalige magister van de dominicanen, een leefregel voor dominicaanse leken goed. Ook nu zijn er wereldwijd lekendominicanen die zich verbinden met de orde op grond van de Regel van Montreal die in 1987 van kracht is geworden.
Benamingen
De dominicanen kennen verschillende andere benamingen. Uit de Latijnse benaming Ordo Praedicatorum werd in de Middeleeuwen als predikheren, maar ook als predikbroeders weergegeven. In sommige plaatsen herinnert de benaming Broerenkerk hieraan. Op de naam dominicanen bedachten de middeleeuwers de woordspeling dat het om domini canes, "honden van de Heer" zou gaan. De medewerking van de dominicanen aan de inquisitie is hieraan niet vreemd. Een andere zeer verbreide naam is jacobijnen. Dit sloeg op het Parijse dominicanenklooster aan de Rue St. Jacques. Kerken die jacobijnenkerk heetten of heten, waren dus kerken van de dominicanen.
Geschiedenis
Zoals vele orden kennen de dominicanen perioden van bloei en verval. In de dertiende eeuw had de orde in Europa een enorme groei beleefd. Auteurs als Jacobus de Voragine met zijn Legenda Aurea, de zeer geliefde verzameling heiligenlevens, en Vincent van Beauvais, die liefst drie encyclopedieën schreef, zijn slechts enkele onder vele namen. Raymundus van Peñafort, later magister-generaal van de orde, redigeerde de duizenden pauselijke decretalen tot een nieuw kerkelijk wetboek voor paus Gregorius IX dat in 1234 verscheen. Hugo van Saint-Cher en een staf van medewerkers in Parijs ontwikkelden de eerste min of meer volledige concordantie op de bijbel.
Al in de veertiende eeuw waren er klachten over verslapping, net als binnen andere orden, maar tegelijk bloeide de dominicaanse mystiek met namen als Meester Eckhart, Heinrich Seuse en Johannes Tauler. Magister-generaal Raymundus van Capua, eerder biechtvader van Catharina van Siëna, wist eind veertiende eeuw een observantiebeweging op gang te brengen, die in de volgende eeuw met name vanuit Noord-Nederland vorm kreeg binnen de Hollandse congregatie waarin een aantal kloosters zich verenigden. De beroemde schilder Fra Angelico was een Florentijnse dominicaan.
Begin zestiende eeuw treden de dominicanen sterker naar voren. Maarten Luther raakte juist met dominicanen als Johann Tetzel en Johannes Eck in conflict. In Spanje becommentarieerden theologen als Bartolomé de Las Casas en Francisco de Victoria de theologische implicaties van de veroveringen in de Nieuwe Wereld. Zij staan tot op zekere hoogte mede aan de oorsprong van het volkenrecht en de mensenrechten. Zij en andere dominicanen vormen de boegbeelden van de Spaanse scholastiek. Vele dominicaanse bisschoppen en theologen namen deel aan het Concilie van Trente. Paus Pius V stelde de traditie in dat de pausen het witte gewaad van de dominicanen dragen, echter zonder de zwarte mantel. Ook in Latijns-Amerika waren de dominicanen al snel aanwezig. De dominicanes Rosa de Lima werd in de zeventiende eeuw zelfs de eerste heilige van dit continent. De heilige Martinus van Porres doorbrak als mulat de grenzen van een blanke Europese orde.
Met name de ontwikkelingen in Frankrijk waren door de eeuwen heen van groot belang voor de ontwikkeling van de dominicanen. Na de Franse Revolutie waren er in Europa bijna geen dominicanen meer. In de negentiende eeuw slaagden Henri-Dominique Lacordaire en Victor Jandel erin de orde feitelijk te herstichten en nieuwe vorm te geven, wat ook andere orden en congregaties inspireerden tot nieuwe vestigingen. Vanaf midden negentiende eeuw is de orde over de gehele wereld verbreid. Ook in de twintigste eeuw oefenden dominicaanse theologen als Marie-Dominique Chenu, Yves Congar en Edward Schillebeeckx grote invloed uit op de ontwikkeling van theologie en kerk. De Belgische dominicaan Georges Pire kreeg in 1958 de Nobelprijs voor de Vrede.
Spiritualiteit
De dominicaanse spiritualiteit neemt zeer verschillende vormen aan. Er is in deze orde geen sprake van een uniform karakter. Belangrijke elementen zijn de grote aandacht voor intellectuele vorming en studie, een kritische houding ten opzichte van kerk en samenleving en de inzet om de vruchten van studie en beschouwing door te geven aan anderen. De uitdrukking contemplari et contemplare aliis tradere van Thomas van Aquino, "beschouwen en het beschouwde aan anderen overdragen", wordt in dit verband vaak en terecht geciteerd. Als een orde die speciaal voor de verkondiging is bedoeld, leidde de intensieve bestudering van de Bijbel haast vanzelf tot een passie voor waarheid. Een van de lijfspreuken van de orde luidt dan ook Veritas, waarheid. De tweede taak van de orde, zielzorg, leidde ertoe dat zij vaak de biecht gingen afnemen. Al vroeg kwam de schaduwzijde hiervan in zicht toen de grote theologische kennis van de dominicanen hen bij uitstek geschikt leek te maken om aan de pauselijke inquisitie mee te werken. Enerzijds vertegenwoordigt deze orde zodoende de kern van de kerk, anderzijds bevindt zij zich feitelijk vaak heel letterlijk aan de rand van de kerk en maatschappij. Dit geeft aan het werk van dominicanen tegelijk ook een missionaire dimensie. Van oudsher heeft hun orde verder een democratische traditie in de keuze van de magister-generaal, provinciaals en priors en in het bestuur van provincies, kloosters en communiteiten. De dominicanen voerden al zeer vroeg het principe van beslissing bij meerderheid van stemmen in.
Externe links
- [http://www.op.org Centrale website van de dominicanen]
- [http://www.dominicanen.be/ Vlaamse dominicanen]
- [http://www.dominicanen.nl Nederlandse dominicanen]
- [http://laici.op.org Dominicaanse leken wereldwijd]
- [http://www.lekendominicanen.nl Dominicaanse Lekengemeenschap Nederland]
categorie:Kerkgeschiedenis
categorie:Kloosterorde in het christendom
ja:ドミニコ会
zh-min-nan:Tō-bêng-hōe
Dominicanen
De dominicanen of predikheren (Ordo Praedicatorum, O.P.) vormen een kloosterorde die in 1216 is gesticht door Dominicus Guzman (circa 1170-1221), ten tijde van de kruistocht in de Languedoc tegen de Katharen. Een van de eerste kloosters werd in Toulouse gevestigd.
De dominicanen kregen van paus Gregorius IX in 1232 de inquisitietaak opgedragen. Deze orde behoort met onder andere de Franciscanen tot de bedelorden. De dominicanen volgen de Regel van Augustinus en eigen constituties.
Op het Vierde Lateraans Concilie van 1215 waren prediking en zielzorg genoemd als belangrijke priesterlijke taken die in die tijd van priesters onvoldoende aandacht kregen. Dominicus Guzman richtte zijn orde speciaal ervoor op om in deze nood te voorzien. Eind 1216 verkreeg hij van paus Honorius III goedkeuring voor zijn initiatief. Hij stuurde de eerste leden van zijn orde naar de universiteiten, speciaal naar Parijs en Bologna, om zich te bekwamen in de theologie. De orde van de dominicanen werd en wordt gekenmerkt door intellectuele inspanningen, grondige studie, actieve interesse in de stedelijke samenleving, prediking en missionaire activiteiten. De dominicanen verbinden contemplatie (beschouwing) met actie. In Utrecht kwam in 1232 de eerste Nederlandse vestiging van de dominicanen.
Een aantal bekende en belangrijke heiligen behoorden tot de orde van de dominicanen. Thomas van Aquino (1225-1274) en Albertus Magnus (circa 1200-1280) kregen van pausen de rang van kerkleraar. De heilige Catharina van Siëna (1347-1380), een lekendominicaan, verkreeg in 1970 als eerste vrouwelijke heilige deze eer.
Behalve een mannelijke tak bestaan er ook dominicanessen en lekendominicanen. Dominicus stichtte zelf al in 1207 te Prouille in de Languedoc een eerste klooster voor vrouwelijke contemplatieve religieuzen. Onder zijn opvolger Jordanus van Saksen is er al sprake van leken (tertiarissen) van de orde. In 1285 keurde Munio van Zamora, de toenmalige magister van de dominicanen, een leefregel voor dominicaanse leken goed. Ook nu zijn er wereldwijd lekendominicanen die zich verbinden met de orde op grond van de Regel van Montreal die in 1987 van kracht is geworden.
Benamingen
De dominicanen kennen verschillende andere benamingen. Uit de Latijnse benaming Ordo Praedicatorum werd in de Middeleeuwen als predikheren, maar ook als predikbroeders weergegeven. In sommige plaatsen herinnert de benaming Broerenkerk hieraan. Op de naam dominicanen bedachten de middeleeuwers de woordspeling dat het om domini canes, "honden van de Heer" zou gaan. De medewerking van de dominicanen aan de inquisitie is hieraan niet vreemd. Een andere zeer verbreide naam is jacobijnen. Dit sloeg op het Parijse dominicanenklooster aan de Rue St. Jacques. Kerken die jacobijnenkerk heetten of heten, waren dus kerken van de dominicanen.
Geschiedenis
Zoals vele orden kennen de dominicanen perioden van bloei en verval. In de dertiende eeuw had de orde in Europa een enorme groei beleefd. Auteurs als Jacobus de Voragine met zijn Legenda Aurea, de zeer geliefde verzameling heiligenlevens, en Vincent van Beauvais, die liefst drie encyclopedieën schreef, zijn slechts enkele onder vele namen. Raymundus van Peñafort, later magister-generaal van de orde, redigeerde de duizenden pauselijke decretalen tot een nieuw kerkelijk wetboek voor paus Gregorius IX dat in 1234 verscheen. Hugo van Saint-Cher en een staf van medewerkers in Parijs ontwikkelden de eerste min of meer volledige concordantie op de bijbel.
Al in de veertiende eeuw waren er klachten over verslapping, net als binnen andere orden, maar tegelijk bloeide de dominicaanse mystiek met namen als Meester Eckhart, Heinrich Seuse en Johannes Tauler. Magister-generaal Raymundus van Capua, eerder biechtvader van Catharina van Siëna, wist eind veertiende eeuw een observantiebeweging op gang te brengen, die in de volgende eeuw met name vanuit Noord-Nederland vorm kreeg binnen de Hollandse congregatie waarin een aantal kloosters zich verenigden. De beroemde schilder Fra Angelico was een Florentijnse dominicaan.
Begin zestiende eeuw treden de dominicanen sterker naar voren. Maarten Luther raakte juist met dominicanen als Johann Tetzel en Johannes Eck in conflict. In Spanje becommentarieerden theologen als Bartolomé de Las Casas en Francisco de Victoria de theologische implicaties van de veroveringen in de Nieuwe Wereld. Zij staan tot op zekere hoogte mede aan de oorsprong van het volkenrecht en de mensenrechten. Zij en andere dominicanen vormen de boegbeelden van de Spaanse scholastiek. Vele dominicaanse bisschoppen en theologen namen deel aan het Concilie van Trente. Paus Pius V stelde de traditie in dat de pausen het witte gewaad van de dominicanen dragen, echter zonder de zwarte mantel. Ook in Latijns-Amerika waren de dominicanen al snel aanwezig. De dominicanes Rosa de Lima werd in de zeventiende eeuw zelfs de eerste heilige van dit continent. De heilige Martinus van Porres doorbrak als mulat de grenzen van een blanke Europese orde.
Met name de ontwikkelingen in Frankrijk waren door de eeuwen heen van groot belang voor de ontwikkeling van de dominicanen. Na de Franse Revolutie waren er in Europa bijna geen dominicanen meer. In de negentiende eeuw slaagden Henri-Dominique Lacordaire en Victor Jandel erin de orde feitelijk te herstichten en nieuwe vorm te geven, wat ook andere orden en congregaties inspireerden tot nieuwe vestigingen. Vanaf midden negentiende eeuw is de orde over de gehele wereld verbreid. Ook in de twintigste eeuw oefenden dominicaanse theologen als Marie-Dominique Chenu, Yves Congar en Edward Schillebeeckx grote invloed uit op de ontwikkeling van theologie en kerk. De Belgische dominicaan Georges Pire kreeg in 1958 de Nobelprijs voor de Vrede.
Spiritualiteit
De dominicaanse spiritualiteit neemt zeer verschillende vormen aan. Er is in deze orde geen sprake van een uniform karakter. Belangrijke elementen zijn de grote aandacht voor intellectuele vorming en studie, een kritische houding ten opzichte van kerk en samenleving en de inzet om de vruchten van studie en beschouwing door te geven aan anderen. De uitdrukking contemplari et contemplare aliis tradere van Thomas van Aquino, "beschouwen en het beschouwde aan anderen overdragen", wordt in dit verband vaak en terecht geciteerd. Als een orde die speciaal voor de verkondiging is bedoeld, leidde de intensieve bestudering van de Bijbel haast vanzelf tot een passie voor waarheid. Een van de lijfspreuken van de orde luidt dan ook Veritas, waarheid. De tweede taak van de orde, zielzorg, leidde ertoe dat zij vaak de biecht gingen afnemen. Al vroeg kwam de schaduwzijde hiervan in zicht toen de grote theologische kennis van de dominicanen hen bij uitstek geschikt leek te maken om aan de pauselijke inquisitie mee te werken. Enerzijds vertegenwoordigt deze orde zodoende de kern van de kerk, anderzijds bevindt zij zich feitelijk vaak heel letterlijk aan de rand van de kerk en maatschappij. Dit geeft aan het werk van dominicanen tegelijk ook een missionaire dimensie. Van oudsher heeft hun orde verder een democratische traditie in de keuze van de magister-generaal, provinciaals en priors en in het bestuur van provincies, kloosters en communiteiten. De dominicanen voerden al zeer vroeg het principe van beslissing bij meerderheid van stemmen in.
Externe links
- [http://www.op.org Centrale website van de dominicanen]
- [http://www.dominicanen.be/ Vlaamse dominicanen]
- [http://www.dominicanen.nl Nederlandse dominicanen]
- [http://laici.op.org Dominicaanse leken wereldwijd]
- [http://www.lekendominicanen.nl Dominicaanse Lekengemeenschap Nederland]
categorie:Kerkgeschiedenis
categorie:Kloosterorde in het christendom
ja:ドミニコ会
zh-min-nan:Tō-bêng-hōe
Fascisme
Fascisme (Italiaans: fascismo) was een autoritaire politieke beweging die aan de macht was in het Italië van 1922–1943, onder leiderschap van Benito Mussolini. Het heeft in bredere zin ook de betekenis gekregen van elk regeringssysteem dat op dat van Mussolini lijkt, m.a.w., dat de natie boven het individu stelt, en dat geweld, moderne propagandatechnieken en censuur gebruikt om politieke tegenstand de kop in te drukken. Vaak worden in een dergelijk systeem de economie en de maatschappij verregaand gereglementeerd en nationalisme en racisme (etnisch nationalisme) omhelsd.
De naam komt van fascio, dat 'bundel' kan betekenen, zoals een politieke groep, maar ook van de fasces, het Romeinse symbool van autoriteit (een bundel staven met een bijlkop).
Populair in sommige Europese landen is het opkomende neofascisme. Neofascistische partijen presenteren zich echter liever niet als (neo)fascistisch. In de huidige politiek in de meeste landen gelden "fascisme" of "fascist" als beledigingen.
Geschiedenis
In de 19e eeuw was het nationalisme opgekomen, onder meer onder invloed van de Franse Revolutie en de verbetering van de communicatiemogelijkheden. Rond 1900 kwamen in Europa de eerste bewegingen op die een uitlaaklep wilden bieden voor onvrede, maar niet socialistisch waren, eerder nationalistisch. Zij werden nog niet fascistisch genoemd, maar meestal iets als 'nationaal-syndicalistisch'. Ze zouden waarschijnlijk door de geschiedenis vergeten zijn geraakt als de Eerste Wereldoorlog niet was uitgebroken. Na de Eerste Wereldoorlog kwamen miljoenen veteranen terug van het front. Zij konden in de gewone maatschappij vaak niet meer aarden, en raakten meestal ook werkloos. Grenzen waren opnieuw getrokken, waardoor miljoenen ineens als minderheid in een ander land kwamen te wonen. Veel Italianen vonden bovendien dat Italië voor de honderdduizenden doden en de torenhoge oorlogsschuld te weinig had teruggekregen. Daarnaast had de oorlog een economische crisis tot gevolg. Velen zochten hun heil in communisme of propageerden (uit angst hiervoor) een autoritair nationalistisch regime dat de problemen kon oplossen.
In maart 1919 vormde Benito Mussolini in Milaan de Fasci di Combattimento. Deze beweging was samengesteld uit knokploegen van veteranen, en beweerde de orde te willen herstellen en Italië te geven waar het recht op had. In 1919 bezette Gabriele D'Annunzio de stad Rijeka en vormde daar de eerste fascistische samenleving. De stad werd corporatistisch georganiseerd, het leidersprincipe werd ingevoerd en Italianen die tegenstribbelden werden verplicht wonderolie te drinken (Slovenen en Kroaten werden verdreven of gedood). De Fasci di Combattimento werd uiteindelijk een politieke partij die in 1922 een staatsgreep pleegde. Mussolini kon nu heel Italië naar D'Annunzio's voorbeeld omvormen tot een fascistische staat.
Het regime kwam soms in een kwaad daglicht te staan (moord op Matteotti), maar veel Europeanen zagen wel heil in sterke autoritaire staten. In de jaren 1920-23 was Europa in chaos gedompeld. Er was behoefte aan orde en tucht en dit boden de fascisten. "Indien mogelijk met liefde, indien nodig met geweld", aldus Mussolini. Bovendien zag men in het fascisme een bescherming tegen het communisme. En het werkte in Italië: de treinen reden op tijd, de stakers gingen aan het werk en de studenten aan hun studie. In grote delen van Europa werden autoritaire op fascisme lijkende regimes geïnstalleerd. In de jaren '30 won het fascisme nog meer aan kracht door de crisis en door het maatschappelijk tij dat van de losse jaren '20 naar autoriteit was teruggekeerd. Italië kreeg in internationale zaken een belangrijke stem in het kapittel. In 1933 kwam bovendien de NSDAP in Duitsland aan de macht. En de Japanse militairen dachten over veel zaken precies hetzelfde als de fascisten. De dreiging werd zo groot dat Stalin de communisten opriep tot samenwerking met andere groepen om het fascisme een halt toe te roepen.
De Tweede Wereldoorlog betekende het ideologische failliet voor het fascisme. Fascistische groeperingen werden overal opgerold of onwettig verklaard. Mussolini werd in 1943 door fascisten en hoge militairen afgezet. Nadat de wereld te weten kwam wat de nazi's en de Japanners hadden gedaan, rustte er voor altijd een smet op het fascisme. Heden ten dage wordt de term als een belediging opgevat.
Ideologie
Hieronder volgt een aantal algemene ideologische trekken van fascisme, hoewel dit per land kan verschillen. Zo bevat fascisme in veel gevallen racisme, maar niet altijd. Ook onder andere het leidersprincipe, sociaal-darwinisme en de houding jegens religie en de persoonlijke vrijheden kunnen verschillen. Bepaalde elementen kunnen ook in andere ideologieën voorkomen en niet alle ideologieën die onderstaande principes nastreven noemen of noemden zichzelf fascistisch.
Leidersbeginsel
Het fascisme gaat uit van collectivisme. De groep, collectief of natie gaat altijd boven het belang van het individu. Lager geplaatsten hebben kritiekloos te gehoorzamen aan hun superieuren. Orde, tucht en gehoorzaamheid staan voorop. Superieuren hebben hierdoor een onbeperkte bevoegdheid, maar zijn zelf onvoorwaardelijke gehoorzaamheid verschuldigd aan de leiders die weer boven hen staan. Wanneer een leider zwak of corrupt was, zou een sterkere of rechtschapener leider hem mogen afzetten en vervangen, zoals een roedel wolven of leeuwen ook zwakkere mannetjes liet afstoten door sterkere. Op deze wijze werd het gebrek aan controle gecompenseerd. Uiteraard paste een democratische besluitvorming niet in dit model: dit was alleen maar "vertragend geleuter" volgens de meeste fascisten. Fascistische landen en organisaties zijn meestal piramidaal gestructureerd met één sterke man aan het hoofd. Vaak kennen leiders van fascistische dictaturen zichzelf de titel 'leider' toe. Zo noemde Benito Mussolini zich il Duce, Adolf Hitler der Führer, Francisco Franco el Caudillo en Ante Pavelic poglavnik.
Nationalisme
Fascisme was vaak sterk nationalistisch getint. Er werd sterke nadruk gelegd op nationale symbolen, geschiedenis en tradities. De natie stond immers boven het individu, en als de natie erop vooruitging, gingen ook alle individuen erop vooruit. Daarnaast werd de eigen cultuur als superieur aan anderen verheerlijkt. In een aantal gevallen bevatte fascisme ook rascistische elementen. Vaak leidt dit tot xenofobie, en in sommige gevallen tot pogroms, massavervolgingen, deportaties en agressie jegens buurlanden.
Veel fascisten stellen bovendien dat hun land een slachtoffer is van vijandige groeperingen, die het land in een deplorabele staat hebben gebracht. Fascisten houden dergelijke groepen verantwoordelijk voor alles wat er mis is in het land, en zijn dus van mening dat ze koste wat kost onschadelijk gemaakt moeten worden. Vaak voorkomende zondebokken zijn Joden, negers, zigeuners, vrijmetselaars, communisten en Jehovah's Getuigen.
Populisme
Fascistische dictaturen kennen vaak een zeer ver doorgedreven vorm van populisme. Het is voor fascistische leiders niet alleen voldoende dat een volk gehoorzaamt, het moet zich ook nog eens voor honderd procent inzetten voor de 'goede zaak'. Het concept van de totale oorlog past dan ook goed bij het fascisme, de gehele samenleving zet zich in voor hetzelfde doel. Behalve als ondersteuning van de macht dient het volk voor fascisten vaak ook als legitimering voor de macht: het hele volk zet zich in voor het fascisme, dus dat betekent dat we goed bezig zijn.
Economie
Op economisch gebied pleitten vele fascisten voor corporatisme, maar anderen stonden een "normaal" kapitalisme voor. Vaak bemoeide de overheid zich intensief met de economie en het bedrijfsleven. De klassenstrijd van Marx werd verworpen.
Vrijheden
Voor vrijheid van meningsuiting, privacy en een aantal andere vrijheden was meestal geen plaats. Censuur en willekeurig optreden van de overheid zijn niet slechts aan de orde van de dag, maar dienen op grond van het leidersbeginsel ook getolereerd te worden. Godsdienst was in veel gevallen een uitzondering: veel katholieke fascisten presenteerden zich als vrome gelovigen en beschermers van de christelijke waarden tegen de losbandigheid en het communisme. Bovendien was het geloof vaak onderdeel van de nationale identiteit. Zolang de Kerk zich niet met politiek inliet werden geestelijken en gelovigen met rust gelaten. En de Kerk steunde vaak uit angst voor het "goddeloze communisme" het bewind.
Normen en waarden
Oude normen, waarden en tradities werden gecombineerd met doorvoeren van het leidersbeginsel tot in de kleinste details van de samenleving. Het gezin was erg belangrijk, waarin een traditionele taakverdeling werd gepropageerd. De vader was de kostwinner en familiehoofd, terwijl de moeder diende voor de kinderen te zorgen en het huishouden te doen. Het krijgen van veel kinderen werd aangemoedigd terwijl homoseksualiteit, feminisme en deelname van vrouwen in het arbeidsproces sterk werden afgekeurd (dit laatste verschafte de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog een voordeel aangezien zij in tegenstelling tot de Asmogendheden vrouwen in fabrieken konden laten werken wanneer de mannen aan het front vochten). Sociaal Darwinisme speelde in alle facetten van het leven een rol: de sterkere mocht de zwakkere uit de weg ruimen, en een slechte leider mocht desgewenst afgezet worden. Normaal gesproken was men een meerdere echter slaafse gehoorzaamheid verschuldigd (trappen naar beneden en likken naar boven). Geweld werd verheerlijkt: zo beweerde Mussolini "beter 1 dag een leeuw dan 100 jaar een lam". Italiaanse fascistische kunst beeldde vaak uit dat oorlog een onderdeel was van het dagelijks leven. Van geweld en oorlog werd een mens beter, sterker en slimmer. Knokpartijen werden door de meeste fascisten dan ook niet geschuwd.
Fascisme in relatie tot andere stromingen
Fascisme en nationaal-socialisme
Sociaal Darwinisme
Het nationaal-socialisme (nazisme) wordt vaak als een vorm van fascisme gezien. Hitler was een groot bewonderaar van Mussolini en heeft ongetwijfeld veel van zijn ideeën en principes overgenomen. Soms worden nationaal-socialisme en fascisme echter van elkaar onderscheiden vanwege het feit dat nationaal-socialisme zich veel meer richt op etniciteit en ras dan fascisme. Men zou nationaal-socialisme dan kunnen zien als een combinatie van fascisme en racisme. In het Italiaanse fascisme bestond (tot de jaren '30) dan ook geen specifieke afkeur tegenover joden. In de beginjaren van het Italiaanse fascisme waren er zelfs enkele joden, waaronder Magherita Sarfatti, een maîtresse van Mussolini, fascistisch. Dit gold ook voor de NSB, die uiteindelijk onder invloed van Rost van Tonningen en de NSDAP ook antisemitisch werd, maar die aanvankelijk ook een aantal joodse leden telde. Overigens dient opgemerkt te worden dat vrijwel alle neofascisten wel racistisch zijn.
Fascisme en communisme
Fascisme (extreem-rechts) en communisme (extreem links) worden als de uiteinden van het politieke spectrum gezien. De communistische ideologie beïnhoudt een radicalisering van de klassenstrijd, de fascistische ideologie kent daarintegen de klassencollaboratie (Sergio Panunzio), het samenwerken van proletariaat en bourgeoisie. Beiden kennen dan ook een gezamenlijke traditie van wederzijdse haat. Fascistische vergaderingen werden verstoord door communisten en vice versa. Aanhangers van beide partijen bestreden elkaar op alle mogelijke manieren. Kreeg een van hen regeringsmacht, dan aarzelde deze niet de andere groep uit proberen te roeien (Rode en Witte Terreur).
Toch waren in deze haatverhouding een paar uitzondering. In 1939 werd na het ineenstorten van de Spaanse en Franse socialistische volksfronten het Molotov-Ribbentroppact gesloten door Duitsland en de Sovjetunie. Bovendien hebben beide groepen ook meer met elkaar gemeen dan ze zelf durven bekennen: als extremen van het politieke spectrum schuwen ze geweld en repressie niet. Sociaal-darwinisme komt ook voor in het idee dat het het natuurlijke recht van het proletariaat zou zijn om de heersende klasse te vernietigen, hoewel volgens het sociaal-darwinisme in feite de bourgeoisie als dominant en dus meer geschikt om te overleven gezien werd. De staat bemoeit zich ook in een totalitair communistisch systeem uitgebreid met de economie en individuele vrijheden. Soms kan ook iets voorkomen dat op het leidersprincipe lijkt, terwijl populisme en persoonsverheerlijking in veel communistische systemen ook niet van de lucht waren. Zelfs anti-semitisme en rascisme waren niet van de lucht: joden werden als kapitalisten gezien en konden, evenals "zwarten" (scheldnaam voor bewoners uit het zuiden van de USSR), maar moeilijk carrière maken in de Sovjetunie. Stalin zelf heeft meer dan eens te kennen gegeven dat hij een hekel had aan joden.
Veel stalinistische leiders propageerden het nationalistische "socialisme in één land" (Georghe-Dej), of rascisme. Omgekeerd bestond ook binnen de NSDAP een stroming die socialistische denkbeelden aanhing. Hiervan waren de gebroeders Strasser en Roehm de bekendste vertegenwoordigers; na de Nacht van de Lange Messen was hun rol in het nazisme echter uitgespeeld.
Door deze paradox is zelfs het denkbeeld ontstaan dat fascisme of nationaal-socialisme en communisme zouden kunnen fuseren. Hieruit is het nationaal-bolsjewisme in de jaren '90 in Rusland ontstaan, een politieke ideologie die zowel nazi- als communistische elementen vertoont, en waarvan het logo en de vlag gelijkenissen vertonen met zowel die van het Derde Rijk als de Sovjetunie: een hamer en sikkel op een witte cirkel met een rode achtergrond. Weliswaar is het idee ouder dan de jaren '90, maar de Russische nationaal-communisten zijn de eersten die dit middels een zelfstandige politieke partij onder die naam uitdragen. De aanhang omvat vooral jongeren en extreem-linkse en -rechtse randfiguren en bezit geen enkele politieke macht.
Fascisme en autoritair conservatisme
Vaak worden autoritair conservatieve regimes ook fascistisch genoemd, met name door hun tegenstanders. Voorbeelden van zulke regimes zijn het Portugal van Antonio Salazar, het Argentinië van Juan Peron, het Roemenië van Ion Antonescu, Vichy-Frankrijk en het Chili van Augusto Pinochet. Veel politicologen maken echter een onderscheid tussen autoritair conservatisme en fascisme. Een belangrijk kenmerk van conservatisme, is dat conservatieven de situatie vaak zoveel mogelijk bij het oude laten, terwijl fascisten in zeker zin 'revolutionair' zijn, en ze de samenleving overhoop willen gooien. Verder willen fascisten de macht zoveel mogelijk centraliseren (bij staat, leider of partij), terwijl conservatieven belang hechten aan maatschappelijke organisaties (bijv. kerken) met een onafhankelijke positie.
Op het snijvlak van fascisme en autoritair conservatisme bevinden zich het klerikaal fascisme en het falangisme. Een belangrijke vertegenwoordiger van het klerikaal fascisme is de Oostenrijker Engelbert Dollfuss, die een conservatieve dictatuur verstigde, maar veel elementen overnam van het fascistische Italië. Francisco Franco was de belangrijkste vertegenwoordiger van het falangisme. Tijdens de Spaanse Burgeroorlog leunde Franco sterk tegen het fascisme, en ontving hij steun van het fascistische Italië en Duitsland. Na de oorlog drong hij de macht van de Falange Española echter sterk terug, en begon zijn regime meer aan autoritair conservatieve dictatuur te worden. Hierover bestaan verschillende interpretaties. Volgens sommigen is Franco nooit echt een fascist geweest, en leunde hij alleen maar op Hitler en Mussolini om de Spaanse Burgeroorlog te kunnen winnen. Volgens anderen was hij wel degelijk een fascist, maar deed hij zich na de oorlog voor als een autoritair conservatief om niet hetzelfde lot te ondergaan als Mussolini en Hitler.
Fascisme in de wereld
- Albanië - Albanese Fascistische Partij (later: "Albanese Nationaal-Socialistische Partij"), Tefik Mborja, Jup Kazazi, Kol Bib Mirakaja, Maliq Bej Bushati, Eqrem Bej Libohova
- Australië: New Guard, kolonel Eric Campbell
- België - Leon Degrelle, DeVlag, Staf de Clercq, Rex, VNV, Verdinaso, Joris van Severen
- Brazilië - integralisme, Plínio Salgado
- Bulgarije professor Bogdan Filow, professor Aleksandur Tsankov
- Canada - Canadian Union of Fascists, Chuck Crate, Parti National Social Chrétien (later: "National Unity Party"), Adrien Arcand
- Chili - Carlos Keller Rueff, Jorge Gonzalez von Marees, MNS
- Denemarken - Frits Clausen
- Duitsland - Adolf Hitler, Joseph Goebbels, Hermann Göring, Heinrich Himmler, NSDAP, SS, SA, nationaal-socialisme, Deutsche Reichspartei, Sozialistische Reichspartei
- Egypte - Groenhemden, Ibrahim Shukri
- El Salvador - Maximiliano Hernández Martínez
- Estland - Andres Larka
- Finland - Lapua-beweging, IKL, Vihtori Kosola, Kurt Martti Wallenius, Vilho Annala, Rolf Witting
- Frankrijk - Jacques Doriot, Parti Populaire Français, Marcel Déat, Legion des Volontaires Français, François de la Rocque, Croix de Feu, Parti Social Français, Henri Barbé, Solidarité Française, François Coty, Paul Marion, Blauwhemden
- Hongarije - Pijlkruisers, Ferenc Szalasi, Gyula Gömbös
- Ierland - Blauwhemden
- Irak - Ali Rasjid, Golden Square
- Italië - Mussolini, Galeazzo Ciano, Farinacci, Achille Starace, Carlo Scorza, Dino Grandi, Movimento Sociale Italiano, Giorgio Almirante, Zwarthemden
- Japan - Kersenbloem Genootschap
- Kroatië - Ustasa, Ante Pavelic
- Mexico - Goudhemden, synarchisme
- Nederland - NSB, Anton Mussert, NVU, Nationale Alliantie, Cornelis van Geelkerken, Rost van Tonningen, Zwart Front, Arnold Meijer, Jan Baars, Algemene Nederlandse Fascistenbond, Actiefront Nationale Socialisten, Weerwolf Nederland, Voorpost, Viking Jeugd Nederland, Stormfront, Odal-Aktiekomitee, Nieuwe Nationale Jongeren, Nieuwe Nationale Jongeren, Landstorm, Stichting Consortium de Levensboom
- Noorwegen - Vidkun Quisling, Nasjonal Samling
- Oostenrijk - Heimwehr, austro-fascisme, Ernst von Starhemberg, Walter Pfrimer, Emil Fey, Anton Rintelen, Arthur Seyss-Inquart
- Portugal - Rolão Preto, Nationaal-Syndicalistische Beweging
- Roemenië - Horia Sima, IJzeren Garde, Corneliu Zelea Codreanu, Mihai Antonescu
- San Marino - Partito Fascista Sammarinese
- Slowakije - Hlinka, Josef Tiso
- Spanje - José Antonio Primo de Rivera, Falange, Ramon Serrano Suner, Luis Ruiz de Alda, Ramiro Ledesma Ramos, Juntas de Ofensiva Nacional Sindicalista
- Tsjechoslowakije - generaal Gajda
- Verenigd Koninkrijk - Sir Oswald Mosley, British Union of Fascists
- Verenigde Staten van Amerika - American Nazi Party, Ku Klux Klan, George Lincoln Rockwell, Matt Koehl, Frank Collin, National Socialist Party of America, European American Education Association, German-American Bund, Aryan Nations, Aryan Brotherhood, Creativity Movement (voormalige "World Church of the Creator"), American Fascist Movement, Zilverhemden
- China - groenhemden
- IJsland - grijshemden
- Zuid-Afrika - Ossewa Brandwag, B.J. Vorster
- Zweden - Nationalsocialistska arbetarpartiet, Sven Olof Lindholm
- Zwitserland - Nationaal Front, Jakob Schaffner, Ernst Rüegsegger, Rolf Henne, Robert Tobler, Hans Vonwy
categorie:fascisme
ja:ファシズム
Democratie
Democratie is een bestuursvorm. De naam komt van de Griekse woorden démos=volk en kratein=regeren, en betekent zoveel als 'het volk regeert'.
In een democratie is de voltallige bevolking soeverein en komt alle autoriteit van de (minstens theoretische) instemming van het volk. Deze bestuursvorm is gebaseerd op het menselijke gelijkheidsideaal. Als iedereen vrij en gelijk in rechten en plichten geboren is (zoals in het eerste artikel van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens staat) dan heeft ook niemand méér recht dan iemand anders om bepaalde wetten of beslissingen door te drukken. Het implementeren van die theorie in de politieke praktijk is vaak niet eenvoudig en kent vele aspecten.
Geschiedenis
De oudst bekende democratie was die van Clisthenes in Athene in de Griekse oudheid, hoewel die nog niet sterk leek op wat wij ons tegenwoordig bij het woord democratie voorstellen. Zo mochten vrouwen, slaven en armen in Athene nog niet meebeslissen. De rol van de vrouw moet echter niet onderschat worden; vrouwen speelden een essentiële rol binnen veel religieuze rituelen.
Men beweert dat op het eiland Man de oudste ononderbroken democratie heerst. In het jaar 938 werd het eerste parlement aldaar gevormd.
Definities
- "Het universele recht om deel te hebben aan de politieke macht, dat wil zeggen het recht van alle burgers om te stemmen en te participeren in de politiek. “Een land is democratisch als het volk het recht heeft zijn eigen regering te kiezen in periodieke, geheime verkiezingen met verschillende partijen op basis van algemeen en gelijk stemrecht voor volwassenen."(Francis Fukuyama{
Romeins rechtHet Romeinse recht heeft zich ontwikkeld over een periode van maar liefst 2206 jaar. Het recht veranderd mee met de continu veranderende staatsinrichting en is daarom nooit constant geweest. Desalniettemin heeft het Romeins recht een grote invloed gehad op vrijwel alle Europese landen en in het huidige Schotland heeft het originele Romeinse recht zelfs nog gewoon rechtskracht.
Dit artikel behandelt het Romeinse recht in chronologische volgorde.
Europa en het Romeinse recht
Geen directe lijn
Er is geen directe lijn te trekken tussen het Romeinse recht uit de vijfde eeuw na Christus en het huidige recht: het Romeinse recht heeft, na vergeten te zijn, een revival beleefd.
Centrale beroepsgerechtshoven
Eind vijftiende eeuw werd er in het Heilige Roomse Rijk, onder leiding van keizer Maximiliaan, begonnen met een centraal beroepsgerechtshof, het 'Reichskammergericht'. Daar waar het lokale recht geen oplossing bood in een bepaalde zaak, werd een beroep gedaan op het oude Romeinse recht als subsidiair recht.
Dit model vond ook in veel andere Europese landen zijn ingang, waaronder Nederland en Schotland.
Opkomst van de universiteiten
De revival van het Romeinse recht in de elfde eeuw hing samen met de opkomst van de universiteiten. Daarom wordt Romeins recht ook wel 'geleerd recht' genoemd. Het verschijnsel 'universiteit' is zelfs mede ontstaan door de bestudering van het Romeinse recht. In 1090 is Irnerius "lucerna iuris" (de lantaarn van het recht) te Bologna begonnen met onderwijs in het Romeinse recht uit overleveringen van de Codex Justinianus, waarbij hij leraren opleidde om daarin les te geven: de universiteit was geboren.
Het gewoonterecht, zoals dat nu nog in Engeland te vinden is, was in heel Europa van de Middeleeuwen aanwezig, totdat zij verdrongen werd door het 'professorenrecht', het Romeinse recht. Lange tijd was het zelfs in heel Europa zo, dat als je een universitaire juridische opleiding had afgerond, in het Romeinse recht dus, je niet zonder meer aan de slag kon in de rechtspraktijk, omdat daar nog steeds gewoonterecht gold.
Voor de komst van universitaire gevormde juristen waren koningen vaak aangewezen op de 'clerici', de geestelijken, om officiële documenten te schrijven. Na de theocratische ambities van de pausen hadden de koningen daar echter niet zoveel zin meer in. Een mooi alternatief vormden de universitair opgeleide juristen. Op deze manier deden zij hun intrede in de rechtspraktijk.
In continentaal Europa heeft het Romeinse recht een grote invloed uitgeoefend, omdat de lokale wetten zeer restrictief werden uitgelegd: er moest vaak een beroep worden gedaan op het Romeinse recht als subsidiair (aanvullend) recht. In Engeland gingen ze daarentegen lokale regels extensief uitleggen (waaruit uiteindelijk de 'common law' is ontstaan), waardoor er geen Romeins recht nodig was. In de praktijk kon men ook in Engeland Romeins recht studeren en vonden afgestudeerde juristen zeker werk in dienst van de kerk of de koning.
Moderne uitleg
Doordat lacunes in het gewoonterecht (het ius civile) door het Romeinse recht (het ius commune; het gecodificeerde natuurrecht: ratio scripta) werd opgevuld, ontstond er een dualistisch rechtssysteem.
Toen Irnerius Justinianus' Corpus Iuris begon te bestuderen, was dit reeds vijf eeuwen oud. Deze benaming voor de verschillende boeken -namelijk de Codex, Digesten, Novellen en de Instituten van Justinianus- is nog veel jonger. Natuurlijk voldeden gedeelten niet meer aan de toenmalige situatie, zodat er een usus modernus, een moderne uitleg, noodzakelijk was. (De wetten uit het Romeinse recht konden niet simpelweg vervangen worden door de centrale wetgever: er was immers geen centrale wetgever, de wetten ontstonden door gewoonte.) Deze uitleg werd zeer belangrijk, zo belangrijk zelfs dat de uitleg belangrijker leek te worden dan de wetten uit het Corpus Iuris zelf. Omdat professoren aan de universiteiten deze uitleg ontwikkelden, werd toen het Romeinse recht pas echt een geleerd recht.
Voor de achttiende eeuw bestond er nog geen motiveringsplicht voor rechters: daarom werd de uitleg van de Corpus Iuris ook voor de justitiabele belangrijk om achter de redeneringen van de rechter te komen.
Renaissance
Tijdens de renaissance en de reformatie, wilde men af van de Rooms-Katholieke en van de lokale traditie: het gewoonterecht raakte 'uit'; in plaats daarvan wilde men terug naar de wortels van het recht: het Romeinse recht werd, net zoals de hele klassieke cultuur, 'in'. In de praktijk bleef het Romeinse recht zijn invloed houden, maar er waren humanisten onder de juristen: zij onderzochten de geschiedenis en de bronnen van het Romeinse recht terwijl ze in de dagelijkse praktijk het "geleerde" recht gebruikten.
Bronnen van het Romeinse recht: een chronologische geschiedenis
De belangrijkste rechtshistorische bron van voor Justinianus is het boekje Enchiridion, geschreven door de Romeinse jurist Sextus Pomponius in de tweede eeuw na Christus.
Koningstijd 753 tot en met 510 v. Chr.
De koningen werden al van het allereerste begin af gekozen door een vergadering van het Romeinse volk, de 'comitia'. De Romeinen hebben nooit erfopvolging gekend, ook niet in de keizertijd. De koning kon geheel autonoom edicten (edicta) uitvaardigen, hij had dus soeverein gezag ('cum imperio'). Hij kon echter ook de comitia voorstellen om een besluit te doen. Als zo'n besluit dan via de comitia tot stand was gekomen, werd het niet een edict, maar een 'lex' genoemd. Een 'lex' is dus dat wat het volk -op voorstel van de koning- heeft bevolen en vastgesteld.
Er waren ook rechtsregels die hun kracht niet ontleenden aan het feit dat het van overheidswege werd gegeven. Dit recht werd 'ius' genoemd, vergelijkbaar met 'the law' in het Anglo-Amerikaanse rechtssysteem. Ius werd niet zomaar als gewoonterecht gezien, het was zelfs bijna natuurrecht. De Romeinen hadden dit ius uiteindelijk gecodificeerd in de 'Wet van de Twaalf Tafelen' (rond 450 v. Chr.), en het kon uitgebreid en veranderd worden door middel van de lex.
Het voordeel van lex boven edicta was dat edicten net zo langen mee gingen als de heerser die ze had uitgevaardigd. Als er een nieuwe heerser kwam, moest hij uitdrukkelijk en precies aangeven welke edicten hij in stand wilde houden en welke niet, wat natuurlijk omslachtig is.
De senatus diende als een consilium voor de koning, in den beginne bestaande uit de patres familias van het volk.
Republiek 510 tot en met 27 v. Chr.
In 510 v. Chr. veranderde het koningschap in het consulaat, en de Romeinse Republiek was geboren. Staatsrechtelijk bleef het vrijwel hetzelfde: twee consuls in dezelfde positie als de vroegere koning, een senaat en een comitia.
Populus is het gehele Romeinse volk, behalve de koning/de consuls.
Plebs is het Romeinse 'gajes', het gehele Romeinse volk behalve de aristocraten.
De besluiten (plebiscita) van de tribuni plebis verbonden in den beginne alleen het plebs, maar met de lex Hortensia in 286 v. Chr. verbonden zij het gehele populus. De tribuni plebis (volkstribuun) had al vanaf het begin een vetorecht voor de lex uit de comitia.
Het aristocratische college der priesters ("collegium pontificum") had de taak het geldende recht vast te stellen. De tribuni plebis waren hiermee niet tevreden mee en bevolen rond 450 v. Chr. dat het toen geldende recht gecodificeerd moest worden o | | |